Kunst en Kitsch

Zoals beloofd wandelen we vandaag verder door het oude Berchem maar starten doen we net over de stadsgrens van Antwerpen. Ooit woonden in de Antwerpse zuidrand veel vooraanstaande burgers waarvan, naast de statige huizen en prachtige gebouwen, nu nog steeds de stille getuigen zijn.

Voormalig Meisjesweeshuis in eclectische stijl naar een ontwerp van de architect Ernest Dieltiëns uit 1876, werd tussen 1879 en 1882 gebouwd in opdracht van het Bestuur der Burgerlijke Godshuizen. De oprichting van dit Meisjesweeshuis, dat het 16de-eeuwse Maagdenhuis in de Lange Gasthuisstraat moest vervangen, kaderde in de vernieuwing van de liefdadigheidsinfrastructuur van de stad Antwerpen.

Later deed het Meisjesweeshuis dienst als kinderziekenhuis, eerst onder de naam “Adolf Stappaertsgasthuis”, en later “Algemeen Kinderziekenhuis Good-Engels”.

Tussen 1998 en 2003 vormde het OCMW de rechtervleugel om tot serviceflats, aangevuld met een nieuwbouwvleugel achteraan op het terrein. Het poortgebouw en de rechtervleugel werden tussen 2005 en 2008 op privé-initiatief opgedeeld tot 47 loftappartementen, aangevuld met 16 nieuwbouwflats, onder de benaming “Residentie Kasteelpark”.

Voormalige Mariagasthuis (Berchem)

Het voormalig Sint-Mariagasthuis, sedert 1988 omgevormd tot Rust- en Verzorgingstehuis Sint-Maria.

Het bak- en zandstenen gebouwencomplex in eclectische neorenaissancestijl naar ontwerp van Richard Vaes, werd ontworpen als regionaal ziekenhuis met afdelingen voor genees- en heelkunde en besmettelijke ziekten. Vanaf 1956-64 werd een moederhuis met pediatrie bijgebouwd.

Opvallend is de straatgevel met centrale partij van zeven traveeën, risaliet (vooruitspringend volume van een gevel dat over de hele hoogte doorloopt) uitgewerkt als stoere toren met korfboogpoort, erker en nis met Mariabeeld, bekronende koepel en lantaarn. De aansluitende gevels hebben verdiepte rondboognisen, Florentijnse bifora en gesculpteerde cartouches. Verder nog twee achteruitwijkende hoektravee met erker op de begane grond.

Doorheen gans Oud Berchem kom je geregeld deze prachtige gevels tegen die blijk geven van de rijkdom uit vervlogen tijden. Gelukkig zijn veel van deze huizen goed bewaard gebleven tijdens de voorbije oorlogen en wonen er nu mensen die zich de moeite getroosten om deze woningen netjes te onderhouden.

Natuurlijk zijn smaken van mensen heel verschillend en dat geeft dan weer aanleiding tot creaties zoals deze. Fleurig is het wel en het geeft de wijk een apart en vooral tintje.

Anderen bewoners plaatsen hun “kunstwerken” dan weer op hun balkon langs de straatkant. Wandelen door de straten van Oud Berchem is een ervaring op zich.

Toen en Nu


Toen was er in onze gemeente nog een sigarenfabriek, nu rest er enkel nog een gevel die ons herinnert aan het rampzalige voorval. De krant ‘Het Huisgezin’  blokletterde:

Toen

Sigarenfabrieksbrand te Berchem-Antwerpen in 1906

Begin maart op een woensdag, om 08u30 brak er in de sigarenfabriek van de heren A. Claeys en van den Bussche, gelegen in de rue de la Paix te Berchem een omvangrijke brand uit.

Het enorme complex viel volledig ten prooi aan de vlammen. Pas omstreeks 11u00 werd men de vuurhaard meester, zodat er van uitbreiding geen sprake meer kon zijn. De schade bedroeg toen 500.000 oude Belgische franken wat nu zou neerkomen op ongeveer 3.000.000 euro.

Toen

Toen was er in onze gemeente ook nog een koopman in paardenvoeder. Jammer genoeg kon ik hierover geen extra informatie vinden dus ben ik genoodzaakt om het bij deze mooie mozaïek te houden die nog steeds de gevel van het huis siert.

Nu

Nu is er in onze gemeente nog steeds een zadelmakerij. Sinds 1896 en ondertussen drie generaties lang is de Zadelmakerij De Clerck actief in de paardensporttoebehoren.

Pieter Jaak De Clerck, geboren in 1872 in Merksem als zoon van een schoenmaker, leerde van zijn vader de stiel van gareelmaker. Na zijn huwelijk in 1896 vestigde hij zich in Berchem. Die ligging aan de Mechelse Poort bleek later echt ideaal te zijn want al het verkeer dat van Brussel en Mechelen naar Antwerpen kwam passeerde daar immers. Bovendien lag Berchem buiten de stadswallenen was toen nog volledig agrarisch wat een heel pak boeren als klanten opleverde. Daarnaast had de adel en de rijke burgerij van de villa’s en de kasteeltjes uit de omgeving ook zadels nodig om hun paarden te berijden.

Vandaag de dag verkoopt Patrick De Clerck zadels, bitten, teugels, sporen, laarzen en een gamma aan ruiterkledij. Net als zijn vader leerde hij het vak vooral van vader op zoon. Hij schoolde zich in Duitsland nog bij. De riemen en teugels maakt hij op maat. Al het lederwerk herstelt hij zelf. De zadels past hij aan tot ze voor ruiter en paard als gegoten zitten.

Nu

Nu, wel is waar op de grens met de stad Antwerpen, hebben we nog een brouwerij vlakbij onze gemeente. Wie kent er niet het fameuze “Bolleke” van de Brouwerij De Koninck.

Bron: kontich.landelijkegilden.be

Brouwerij De Koninck stamt uit 1833 en is opgericht door Johannes Vervliet. De Koninck is ondertussen een begrip geworden in Antwerpen. Naast het “Bolleke”, erkend als officieel streek-product en genoemd naar het bierglas waarin De Koninck geschonken wordt, was jarenlang “het bier van ’t stad”.

Andere bieren die de bierbrouwerij maakt is “De Koninck Triple d’Anvers” en het in 2015 geïntroduceerde blonde “Wild Jo” bier.
Triple d’Anvers is een wat zwaarder bier. Het blond tot amberkleurige bier heeft een alcoholpercentage van 8% en kent een mooie balans tussen een licht bittertje, een ietwat zoete smaak en de duidelijk aanwezige fruitigheid.
Wild Jo is een blond bier met een alcoholpercentage van 5,8 percent dat door de makers als wild en onstuimig betiteld wordt. 

De stadsduiven sieren langs de buitenzijde me muren van de brouwerij

Volgende keer toon ik u wat
“verborgen kantjes”
van onze gemeente.

Marche-les-Dames (3)

In het derde en laatste deel gaan we van Marches-les-Dames naar Hoei of Huy in het frans. De stad ligt aan de samenvloeiing van de rivieren de Maas, de Hoyoux en de Mehaigne.

Op weg naar Hoei passeren we nog een paar indrukwekkende rotsformaties waar het fietspad onderdoor loopt. Mensen vinden het hier blijkbaar veilig genoeg om woningen te bouwen, dus betrouw ik het er ook maar op.

Dat hier de ene brug niet de andere is, blijkt uit bovenstaande foto’s. Gelukkig bleef in op dezelfde oever en hoefde ik geen keuze te maken. Voor mij was het gewoon rechtdoor. Het landschap werd onderweg tijdelijk iets vlakker wat het gevoel van ruimte vergrootte. Maar wanneer men Hoei binnenrijdt, is het reliëf weer duidelijk aanwezig.

Het Fort van Hoei dateert van het begin van de 19e eeuw. Het is gebouwd op een heuvel langs de Maas. Het fort werd gebouwd ten tijde van het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden en wordt om die reden ook wel het Hollandse Fort genoemd.

De Collegiale Onze-Lieve-Vrouw en Domitianus van Hoei is , zoals de naam het al zegt, toegewijd is aan Onze-Lieve-Vrouw en de heilige Domitianus van Hoei. De kerk met herbergt een schat, die internationaal bekend is. Ze omvat namelijk 4 grote reliekschrijnen uit de 12e en 13e eeuw.

Daarnaast heeft het stadje natuurlijk ook een gezellig marktplein met leuke terrasjes (voor de coronatijden) alsook een paar verborgen plekjes die je alleen vindt als je de het aan durft om door de smalle steegjes op ontdekking te gaan. Toen ik er was had men op één van de binnenpleintjes een klein event georganiseerd en met had visvormige ballonnen opgehangen waardoor het leek dat je in een aquarium binnen stapte.

Typische bouwstijl in de Ardennen

Kenmerkend voor de bouwstijl de Ardennen zijn de huizen gebouwd zijn in natuursteen. Je zal hier in de streek dan ook veel steengroeven aantreffen als je pad gaat. Hele bergwanden werden verkapt tot granieten bouwstenen waardoor grote gapende leegtes achterbleven.

Waar in Vlaanderen de Fiere Vlaamse Leeuw klauwt, kraait in Wallonië de al even fiere Waalse Haan. Beide zijn ze het symbool van vrijheid.

Op de terugweg: nog een laatste blik op de rotsformaties badend in de laagstaande zon

Met nog een laatste blik op de rotsformaties van Marche-les-Dames tijdens de terugrit naar Namen, sluit ik dit verhaal af. Ik hoop dat jullie er wat van konden opsteken.


Einde
Bedankt voor uw interesse